Mensenkinderen
Dit is een boek voor opvoeders. Opvoeden gaat vaak spontaan: vanuit het hart, geleerd van ouders, van familie en vrienden. En meestal gaat dat goed. Toch vragen opvoeders zich soms af of ze wel op de juiste manier bezig zijn, of het wel normaal is wat ze met hun kind meemaken en of ze wel adequaat gereageerd hebben.

In het boek komt een aantal eigenschappen van opvoeders aan de orde. Wanneer deze eigenschappen in de juiste samenstelling voorkomen dan komt de 'perfecte opvoeder' in beeld. Deze bestaat echter niet. Dit komt doordat bij elke positieve eigenschap een schaduwzijde hoort. Als die de overhand krijgt heeft dit negatieve gevolgen.

De ontwikkeling van kinderen wordt beschreven aan de hand van thema's, zoals:
- grenzen en regels stellen;
- hechting en sociale ontwikkeling;
- identiteit;
- vriendschap;
- op kamers;
- seksualiteit;
- school- en studiekeuze;
- agressie/vandalisme;
- angst en verdriet;
- geld;
- alcohol en drugs.

Elk thema begint met een voorbeeld en eindigt met een antwoord op de volgende vragen.
- Wat kun je als opvoeder zelf aanpakken?
- Wie in je directe omgeving kun je bij dit vraagstuk inschakelen?
- Als het echt niet meer gaat, welke hulpverleners zijn er dan te vinden?

Deze uitgave is uitgebracht in samenhang met de RKK/KRO televisieserie mensenkinderen

Andere boeken binnen Pedagogiek